SMART
Specifiek:
waarneembare actie, gedrag of resultaat waaraan een
getal, bedrag, percentage of ander kwantitatief gegeven
verbonden is.
(6 W’s: Wat willen we bereiken?; Wie zijn erbij
betrokken?; Waar gaan we het doen?; Wanneer gebeurt
het?; Welke delen van de doelstelling zijn essentieel?;
Waarom willen we dit doel bereiken?)
Meetbaar:
De opbrengst/het resultaat moet te zien, te horen, te
ruiken, te proeven of te meten zijn. Indien nodig of
mogelijk: doe een nulmeting om de startsituatie te
bepalen.
Acceptabel:
Is er draagvlak voor wat we doen? Is het in
overeenstemming met het beleid en de doelstellingen van
de organisatie? Willen betrokkenen zich verbinden aan de
doelstelling?
Soms is A ook: Aanwijsbaar, wie moet wat doen om het
doel te bereiken?
Soms is A ook: Activerend of Actiegericht, de
doelstelling moet positief geformuleerd zijn en
uitnodigen om actie en energie los te maken.
LET WEL: A beschrijft een resultaat, niet een
inspanning!
Realistisch:
Is het doel haalbaar? Is het een uitvoerbaar plan met
aanvaardbare inspanningen? Kunnen betrokkenen de
gevraagde resultaten daadwerkelijk beïnvloeden en hebben
ze voldoende know-how, capaciteit, middelen en
bevoegdheden?
Soms is R ook wel: Relevant, een haalbare en zinvolle
doelstelling is motiverend en maakt energie los.
Tijdgebonden:
Wanneer starten we met de activiteiten? Wanneer zijn we
klaar? Wanneer is het doel bereikt?
Korte termijn doelen zijn altijd SMART geformuleerd met
een duidelijke begin- en einddatum, bij lange termijn
doelen is dit niet altijd mogelijk.
SMART-toevoeging volgens Frits van Vugt
Throughput:
Omschrijving van de activiteiten die een instelling
organiseert. Het gaat om de inspanningen en niet om de
concrete producten.
Voorbeeld:
Output:
Wat leveren de inspanningen op in termen van diensten of
producten?
Voorbeeld:
X aantal gegeven hulpacties, spreekuren, uren steun enz.
Aantal cursussen
Aantal informatiebijeenkomsten
Bereik:
Het aantal mensen uit de beoogde doelgroep dat gebruik
maakt van de producten?
Voorbeeld:
Aantal cliënten dat hulp/steun/advies krijgt
Aantal cursisten dat cursus afmaakt
Aantal aanwezigen bij bijeenkomst
Resultaat:
Leiden de producten tot een aanwijsbare verandering bij
de afnemers of het maatschappelijk probleem? Heeft een
directe relatie met de interventie( is grijpbaar).
Voorbeeld:
% opgevolgde adviezen, verbetering na hulp/steun
x aantal tevreden met adviezen/hulp/steun
gemiddeld rapportcijfer voor cursussen
% deelnemers dat zich meer gesterkt voelt
tevredenheidmeting
leerrendement
Outcome:
Wat is het uiteindelijke maatschappelijke effect? Heeft
geen directe relatie met de interventie. Niet of zeer
moeilijk meetbaar en mogelijk pas zichtbaar na lange
tijd (in ieder geval na de projectperiode). Is weinig
tot niet grijpbaar.
Beoogde effecten op langere termijn, zoals
deskundigheidsbevordering leidt tot gewenst gedrag of
maatschappelijk verschijnsel.
Prestatie:
Verzamelterm van throughput, output, bereik en
resultaat.
--------------------------------------------------------------------
Checklist voor het
opstellen van een fondsaanvraag voor vermogensfondsen
Februari 2010
Inleiding:
In Nederland
bestaan er drie soorten fondsen:
-
Geldwervende fondsen
-
Loterijfondsen
-
Vermogensfondsen.
Ad 1:
Geldwervende fondsen zamelen geld in bij het
Nederlandse publiek en besteden dit aan hun eigen
doelstellingen. Voorbeelden: KWF Kankerbestrijding en
het Aids Fonds.
Ad 2:
Loterijfondsen krijgen hun inkomsten uit de
opbrengsten van aangesloten loterijen Deze verdelen zij
rechtstreeks onder goede doelen. Voorbeeld: Stichting de
Nationale Sporttotalisator, die de gelden van de Lotto
verdeelt.
Ad 3:
Vermogensfondsen: Het grootste deel van de fondsen
zoals opgenomen in de Fondsenalmanak en
SubsidieTotaal.nl zijn vermogensfondsen. Deze fondsen
verkrijgen hun vermogen door bv. legaten en
erfstellingen en verdelen dit onder maatschappelijke en
sociale doelen.
Uitzoeken en
aanschrijven van een fonds ingewikkeld
Voor veel
personen en instellingen is het uitzoeken en
aanschrijven van een fonds behoorlijk
ingewikkeld.
Veel vermogensfondsen ontvangen aanvragen die niet in
aanmerking komen voor ondersteuning. Deze worden meestal
afgewezen omdat ze niet aan alle eisen voldoen.
Fondsen
hanteren verschillende methoden, waarop ze aanvragen
behandelen
In Nederland
zijn honderden vermogensfondsen actief met uiteenlopende
doelstellingen en beschikbare middelen. Het is daarom
zaak dat u een goede en volledige aanvraag
indient bij een fonds. U kunt hiervoor een
adviesbureau in de arm nemen. Een bureau heeft de
nodige expertise in huis, maar kost wel geld. Een goed
alternatief is dat u zelf een aanvraag indient.
Checklist
fondsaanvraag
Meer informatie
over de onderstaande punten is te vinden op de pagina’s
hierna.
A. Een goede
selectie van de fondsen die u aanschrijft, op grond van
informatie over:
• De
doelstelling;
• De
doelgroep van het fonds;
• De
beperkingen die het fonds stelt aan de regio waarin de
activiteit plaatsvindt;
• De
voorwaarden waaraan het project moet voldoen;
• De hoogte
van de bijdrage en de nadere voorschriften die gelden na
het honoreren van de aanvraag;
B. Neem
telefonisch of schriftelijk contact op met het fonds
voordat u een uitgebreide aanvraag indient. Hierdoor
krijgt u een idee van de honoreringskans en kunt u,
indien beschikbaar, een aanvraagformulier opvragen;
C. Richt de
aanvraag aan de juiste persoon;
D. Ga bij het
indienen van de aanvraag zorgvuldig te werk, wees
duidelijk en volledig;
E. Dien de
aanvraag ruim vóór de uitvoering van de activiteiten in
en houd rekening met de vergaderdata van het
fondsbestuur en/of de uiterste indieningdata;
F. Bedenk dat
fondsen zeer veel aanvragen ontvangen en dat het voor
hen niet altijd mogelijk is te reageren. Dien daarom
geen onnodige aanvragen in. Past de doelstelling van het
fonds niet bij uw activiteit, zie er dan van af het
fonds te benaderen.
Tip: Betrek
de hele organisatie inclusief de directie of het bestuur
bij het fondsenwerven. Dit vergroot het draagvlak en de
slagingskans van de aanvraag en wordt op prijs gesteld
door de fondsen.
Tot slot: Laat
u niet afschrikken door de hoeveelheid werk die een
aanvraag met zich meebrengt. Begin op tijd, zodat u niet
alles moet afraffelen om de uiterste indieningsdatum te
halen. Een kansrijke aanvraag valt of staat met een
gedegen voorbereiding.
Noodzakelijke stappen
voor het opstellen van een aanvraag
1. Selectie
van fondsen
Na het besluit
om geld aan te vragen bij particuliere fondsen, is het
zaak een aantal relevante fondsen te verzamelen. Het
Fondsen boek, de Elzevier Fondsenalmanak en
SubsidieTotaal.nl en http://subsidie.startkabel.nl
kunnen u hierbij helpen.
Googlen op
onderwerp werkt ook goed, omdat vaak per thema een
overzicht van fondsen wordt gegeven. Een voorbeeld op
onderwerp is http://www.fondsenvoorouderen.nl
2. Opvragen
informatie bij de eerste selectie fondsen
Denk hierbij aan
gegevens over de uitwerking van de doelstelling en de
voorwaarden die gelden voordat u met het project of de
activiteit begint. Het is essentieel dat uw project
volledig aan de doelstelling en de gestelde eisen
voldoet.
Tip:
Als u een aanvraag indient, richt deze dan bij
voorkeur aan een specifieke persoon en niet aan het
bestuur. Meestal is de secretaris van het fonds
degene die u moet aanschrijven.
Tip: Het is mogelijk
om via een verzamelwebsite een gebundelde aanvraag te
doen. Dit betekent dat een aanvraag via internet direct
aan meerdere fondsen wordt gezonden. Doe dit echter
niet, want daarmee belandt de aanvraag bij een
onbekende. Beter is het om de aanvraag aan een
contactpersoon binnen het fonds te sturen. Zie ook de
volgende tip.
Tip: Neem voor
het indienen van een aanvraag telefonisch of per mail
contact op met het fonds. Zo brengt u uw project
onder de aandacht en kunnen eventuele onduidelijkheden
uit de weg genomen worden.
3.
Doelstelling
De doelstelling
van een fonds beschrijft wat het bestuur met zijn
activiteiten wil bereiken. In sommige gevallen staat in
de doelstelling concreet waarvoor ondersteuning mogelijk
is. Hierdoor is al snel duidelijk of uw project of
activiteit aansluit bij dat fonds. Vaak echter wordt
de doelstelling van een fonds op advies van de notaris
ruimer gedefinieerd. Bij een ruime doelstelling heeft
het fondsbestuur meer vrijheid om een aanvraag niet te
honoreren, ook al valt het project binnen de
doelstelling. Anderzijds biedt het de mogelijkheid
tot ondersteuning van uiteenlopende activiteiten, naar
gelang van de prioriteiten van het bestuur op dat
moment. Ook kan het bestuur zeer bewust voor een ruime
doelstelling kiezen om de creativiteit van de potentiële
aanvragers te stimuleren. Bovendien vergroot een
dergelijke doelstelling het aanbod en daarmee de kans op
een geschikt project. In de praktijk blijkt dat
fondsen niet zozeer last hebben van een gebrek aan
aanvragen, maar juist te kampen hebben met een grote
hoeveelheid aanvragen die duidelijk niet aansluiten bij
de doelstelling.
Tip: Zorg dat de
doelstelling van een fonds duidelijk is en neem de
beperkingen serieus. Als een fonds tot doel heeft een
bijdrage te leveren voor gehandicapte jongeren, dan
heeft het absoluut geen zin een aanvraag in te dienen
gericht op gehandicapte ouderen. Veel aanvragers dienen
desondanks toch een verzoek in, soms tot grote ergernis
van de fondsen. De stelling ‘niet geschoten is altijd
mis’ gaat dus niet op.
Tip: Probeer
te ontdekken of het fonds eerder projecten heeft
gefinancierd en zo ja, welke. Dit kan van pas komen bij
het vormen van een beeld van het fonds. Wellicht is
het mogelijk om een van de uitvoerders van die projecten
te benaderen voor informatie. In de Fondsenalmanak en
SubsidieTotaal.nl vindt u deze informatie vaak in de
paragraaf aanvullende Informatie.
4. Doelgroep
Sluit uw
project aan bij de doelstelling, dan moet u de gestelde
eisen zorgvuldig bestuderen. Voldoet u niet aan de
eisen, dan komt u niet in aanmerking. De eisen
richten zich zowel op de doelgroep van het fonds
(degenen die het geld ontvangen) als op het uit te
voeren project (degenen op wie de activiteiten gericht
zijn).
Doelgroepen
van fondsen kunnen zijn:
•
Non-profitinstellingen: organisaties die niet de
bedoeling hebben winst te maken.
•
Ondernemingen: organisaties met winstoogmerk;
•
Publiekrechtelijke instellingen: gemeenten en
gemeentelijke instellingen. In enkele gevallen komen ook
provinciale instellingen en rijksinstellingen in
aanmerking;
•
Semi-publiekrechtelijke instellingen: ziekenhuizen,
universiteiten, bejaardenoorden, scholen en musea;
• Individuen:
natuurlijke personen. Aan personen kunnen allerlei eisen
worden gesteld om in aanmerking te komen voor een
bijdrage. U kunt hierbij denken aan leeftijd of
geloofsovertuiging.
Tip: Weet u
niet zeker of u als uitvoerende of uw doelgroep wel
binnen de doelgroep van het fonds vallen? Neem dan
contact op met het fonds zelf. Dit kan een hoop werk
schelen en voorkomt teleurstellingen.
5. Regio
Een fonds is
vaak actief in bepaalde gebieden, zoals een dorp, stad,
provincie of land. Sommige fondsen kennen geen
geografische beperkingen en activiteiten kunnen overal
ter wereld worden uitgevoerd. In de praktijk blijken
deze fondsen echter toch beperkingen aan te brengen..
6. Bijdrage
Fondsen maken
over het algemeen niet direct bekend hoe groot de
gemiddelde bijdrage is die zij jaarlijks leveren.
Geeft een fonds wel een indicatie, dan moet u hiermee
rekening houden. Als een bijdrage bijvoorbeeld
maximaal 2.000 euro per project is, dan heeft het geen
zin om meer te vragen.
7. Voorwaarden
De meeste
fondsen stellen voorwaarden aan de uitvoering van een
project. Zo geldt bij sommige fondsen een duidelijke
leeftijdsgrens of een bepaalde geloofsovertuiging.
De voorwaarden kunnen betrekking hebben op het project
of de activiteit zelf, maar ook op zaken die van tevoren
moeten worden geregeld, zoals een
haalbaarheidsonderzoek. Het fonds vraagt om dergelijke
informatie om meer zekerheid te krijgen over de
slagingskans van het project. Ook kan een fonds
voorwaarden stellen aan de wijze van aanvragen.
Tip: Bedenk of
de gestelde voorwaarden geen consequenties hebben voor
uw project of u als aanvrager zelf. Soms vindt een
aanvrager bijvoorbeeld dat hij of zij teveel artistieke
vrijheid moet inleveren om aan de eisen te voldoen.
8. Nadere
voorschriften
Wordt uw
project gehonoreerd, dan krijgt u eventueel te maken met
nadere voorschriften. Deze eisen gelden zodra het
project van start gaat of vanaf het moment dat u het
geld heeft ontvangen. Voldoet u hier niet aan, dan zal
het fonds het geld terugeisen. Voorbeelden van nadere
voorschriften zijn:
·
het tussentijds rapporteren
over hoe het project ervoor staat
·
het voeren van een aparte
projectboekhouding
·
het meewerken aan een
evaluatie.
Ook stellen
sommige fondsen het op prijs als u tijdens het project
bekendheid geeft aan de ontvangen gift. Dit kunt u doen
door een naamsvermelding op de tentoonstellingsposter of
in een dankwoord in een publicatie.
Tip: Het maakt
een goede indruk als u het fonds op de hoogte brengt
over het verloop en de afloop van het project. Ook
is het aan te raden om een bedankbrief te sturen, zeker
als u in de toekomst opnieuw een beroep wilt doen op het
fonds.
9. De aanvraag
Het is zinvol
om in een vroeg stadium contact te leggen met het fonds.
Voordat u veel tijd gaat steken in de voorbereiding en
aanvraag, kunt u beter eerst informeren of het fonds wel
positief staat tegenover uw project. Grote fondsen
zijn telefonisch bereikbaar.
Kleine
fondsen stellen vaak schriftelijk contact op prijs.
Met een brief met uitleg over het project geeft u het
fondsbestuur een indruk van uw activiteit. In deze brief
staat:
- Een bondige en
duidelijke omschrijving van de activiteiten die u wilt
gaan uitvoeren;
- Uitleg over de
achtergrond van het project;
- De reden
waarom u het project wilt uitvoeren;
- Motivatie
waarom u juist bij dit fonds een aanvraag indient;
- Informatie
over de aanvrager en/of de projectuitvoerders
- Financiële
gegevens.
Een aantal
fondsen beschikt over een standaardaanvraagformulier.
Dit kunt u bijvoorbeeld telefonisch opvragen of
downloaden via Internet. Gebruik altijd het standaard
aanvraagformulier als dat beschikbaar is! U kunt ook
zelf een aanvraag opstellen, al dan niet op verzoek van
het fonds.
Tip: Verwerk
informatie over vrijwilligersinzet in uw eigen
organisatie in uw aanvraag. Veel organisaties vergeten
dit, terwijl dit zeker op prijs gesteld wordt door het
fonds.
Tip: Fondsen
hechten veel waarde aan uw eigen overtuiging van het
project, verwerk dit goed in de aanvraag.
Bij een
aanvraag wordt vaak om de volgende gegevens gevraagd:
- Een
beschrijving van het project, bestaande uit:
• De
omschrijving;
• Het doel van
de activiteit;
• De producten
en/of activiteiten binnen het project;
• De doelgroep;
• De start- en
einddatum;
• De verwachte
resultaten;
• De
haalbaarheid van de verwachte resultaten en de meetwijze
achteraf;
• De noodzaak of
het belang van het project
B. Een
gespecificeerde begroting van het project
C. Een
gespecificeerd dekkingsplan van het project, met daarin:
• De aanvragen
bij andere instellingen en/of fondsen inclusief de
gevraagde bijdrage en de
eventuele
afwijzingen of toezeggingen;
• De inkomsten
uit verkoop;
• De eigen
bijdrage, eventueel in natura
D.
Algemene gegevens van de aanvrager, zoals:
· Volledige
naam;
· Officiële
vestigingsplaats;
•
Correspondentieadres;
• Telefoon- en
faxnummer;
• E-mail- en
internetadres;
• Naam
contactpersoon en diens bereikbaarheid;
•
Rechtspersoonlijkheid;
•
Inschrijvingsnummer van de Kamer van Koophandel;
• Doelstelling;
• Werkwijze;
E.
Financiële gegevens van de aanvrager,
W.o. bijdragen
van derden zoals de overheid of andere fondsen
F.
Motivering van de aanvraag bij het betreffende fonds
plus informatie of er al een eerdere aanvraag bij het
fonds is gedaan en of deze werd gehonoreerd
G. Het
gewenste bedrag en de vorm die de bijdrage moet aannemen
zoals een gift, een lening of een garantie
H.
Referenties
I. De
wijze van totstandkoming en de achtergrond van het
project
J.
Voorbeelden van projecten die we hebben gedaan en waarin
we aantonen dat we goede resultaten leveren (bewijs).
K. Bijlagen
bestaande uit officiële stukken, bijvoorbeeld:
• Statuten en
uittreksel uit het Stichtingen- en Verenigingenregister
van de Kamer van Koophandel;
• Recente
financiële gegevens van de aanvragende instelling, zoals
de balans, resultatenrekening en de begroting;
• Jaarverslag;
• Werkplan van
het lopende en/of komende jaar;
•
Bouwtekeningen, bestek, vergunningen, offertes voor
apparatuur, bewijs van toelating tot studie, diploma’s,
cijferlijsten et cetera;
• Foto’s van
objecten.
Tip: Beschrijf
goed de beoogde rol van het aangeschreven fonds. Wat
zijn de verwachtingen?
Tip: Wees
zorgvuldig en zakelijk. Het komt voor dat een fonds een
aanvraag afwijst omdat deze onvolledig of onleesbaar is.
10. De
afhandeling
Zoals al in
de inleiding staat, ontvangen particuliere fondsen erg
veel aanvragen. Dit kan de behandeling vertragen.
Een overzichtelijke aanvraag kan de behandeltijd
verkorten, maar vaak is de behandeling ook afhankelijk
van de vergaderdata van het bestuur. Vergadert het
bestuur twee keer per jaar, dan kan een antwoord op een
aanvraag in het slechtste geval een half jaar duren.
Vooruitdenken is daarom geen overbodige luxe.
Tip:
Dien de aanvraag ruim voor de uitvoering van de
activiteiten in. Het komt zelden voor dat een fonds een
activiteit achteraf financiert. Bovendien hanteren veel
fondsen een (jaarlijkse) sluitingsdatum. Na het
verstrijken van die datum kunt u voor dat jaar geen
aanvraag meer indienen.
Het komt voor
dat vooral kleine fondsen niet reageren op aanvragen en
dat grote fondsen hoogstens een standaardbrief
terugsturen. Dit komt doordat aanvragen in grote
hoeveelheden binnenstromen. Het secretariaat kan deze
niet allemaal verwerken. Vooral aanvragen die totaal
niet voldoen aan de doelstellingen van een fonds krijgen
vaak geen antwoord. Sommige fondsen hebben gekozen voor
een andere aanpak. Zij gaan zelf op zoek naar
interessante projecten en honoreren geen aanvragen van
derden meer. Andere fondsen kiezen voor de anonimiteit
en treden niet meer naar buiten met informatie. Ze
steunen activiteiten in stilte. Het in het wilde weg
indienen van aanvragen kan dus averechts werken.
11. Wat de
ervaring ons tot nu toe heeft geleerd
Fondsen hechten
er sterk aan dat de aanvraag voortkomt uit een vraag van
een groep mensen met een behoefte (van onderop werken is
belangrijk). Een idee dat alleen is ontstaan bij
professionals of bij jezelf, zal tegenwoordig weinig
bijval van fondsen vinden. Let er dus op dat de
doelgroep, die een vraag heeft en daarvoor via jou een
beroep op het fonds doet, betrokken is. Fondsen
investeren niet meer in ideeën die van bovenaf komen.
Fondsen
investeren tegenwoordig liever niet in professionals
(overhead), methodiekontwikkeling, promotiecampagnes en
andere ‘indirecte’ aanpakken. Ze willen dat hun
investering direct ten goede komt aan de doelgroep
(bijvoorbeeld: activiteiten of een voorziening voor de
doelgroep). Dit moet zo goed mogelijk in de resultaten
geborgd zijn en dus voorop staan in de fondsaanvraag.
Schrijf dus vanuit de doelgroep! Vaak gaat het om het
kiezen van de juiste woorden en een voor fondsen
aansprekende insteek van de aanvraag.
Concrete
resultaten van een project zijn voor de fondsen
tegenwoordig een aantoonbare verbetering voor de
doelgroep, die bij voorkeur voortgezet wordt in de
toekomst. Dus niet: een mooie methodiekbeschrijving of
een eenmalige activiteit.
In de
fondsaanvraag is tevens van belang dat voldoende
draagvlak wordt aangetoond. Een fonds wil in de aanvraag
twee dingen kunnen lezen:
-
aan alles is gedacht, ook aan
risico’s en risicomanagement;
-
benodigde draagvlak en inzet
van benodigde partijen/samenwerkingspartners is
gegarandeerd.
Niet alleen wil
een fonds overtuigd zijn van voldoende draagvlak bij de
doelgroep en de benodigde organisaties voor het idee,
maar wil zij met name ook investeringen door
samenwerkingspartners zien. De investering kan
bijvoorbeeld om ureninzet of facilitaire ondersteuning
gaan. In de aanvraag moet helder staan wat de
investering is en bij voorkeur wordt dit in een
geldbedrag weergegeven.
Fondsen kijken
kritisch naar het dekkingsplan. Het financiële plaatje
en de garantie dat dit voldoende gedekt is, is voor
fondsen van doorslaggevend belang bij de honorering van
een aanvraag. Ze willen zeker weten dat jouw projectidee
geen weggegooid geld is. Ze willen ook zeker weten dat
je oplossingen hebt in geval je een deel van het geld
niet ontvangt, bijvoorbeeld als je voor één aanvraag
meerdere kleine bedragen bij meerdere fondsen aanvraagt.
Zorg er dus voor dat je een sterk dekkingsplan hebt en
aangeeft wat je doet als je nog een geldbedrag tekort
komt.
|