|

|
 |
|
 |
|
foto: Jacob
Stempher |
|
Bermflora+nieuwe natuur
Koolveen (Foto: Luppo Edens) |
Verbinden en vergroten
|
In 1992 lanceerde Natuurmonumenten het
plan Goudplevier: een plan om vier natuurterreinen
in het Mantingerveld (Mantingerzand, Hullenzand,
Lentsche Veen en Martensplek) bij Nieuw Balinge met
elkaar te verbinden. Het einddoel was - en is - één
groot natuurgebied van zo’n 1200 hectare (3x4 km). |
|
 |
|
Er zal een landschap ontstaan met de
kenmerken van de bestaande natuurterreinen: droge en
natte heide, veentjes, schraal grasland, open zand
en plaatselijk natuurlijk bos.Ongeveer het landschap
zoals het er uitzag vóór de grote ontginningen. |
|
Om de heide in het
Mantingerveld in stand te houden, grazen hier
schapen, geiten, pony's en runderen. Het
Mantingerveld bestaat uit verspreid gelegen bos- en
heidegebieden. Ertussen ligt voormalig bouwland dat
door middel van natuurontwikkeling wordt omgevormd
tot schrale vegetaties. De bemeste bovenlaag wordt
dan, waar nodig weer verwijderd tot aan het zand.!
|
|
Binnen enkele tientallen jaren
ontstaat zo één groot natuurgebied, dat kansen
biedt aan vele soorten vogels, zoals de geelgors,
wulp, slobeend en torenvalk. Ook reptielen,
zoals de adder,ringslang, hagedis, zandhagedis en
kikkers komen voor in het gebied. Veel voorkomende
flora in het gebied is bijvoorbeeld kleine
wolfsklauw, klokjes gentiaan, lavendelheide,
veenpluis en diverse bijzondere korstmossen voor. |
| |
|
 |
|
Hagedis
Zoals zijn naam al aangeeft is deze
hagedis levenbarend. Het wijfje bewaart
de eieren in het lichaam tot de embryo's
volledig ontwikkeld zijn. Het wijfje
brengt tussen april en juni 3-10
volgroeide jongen ter wereld. De hagedis
is overdag actief en eet vooral insecten,
wormen en spinnen. |
Zandhagedis Een Zandhagedis
kan wel twintig centimeter lang worden
en leeft van insecten. Ze hebben kaal
zand nodig om hun eieren in af te zetten.
De zandhagedis houdt een winterslaap en
doet dit bij voorkeur in een verlaten
muizenhol |
Ringslang De ringslang dankt zijn
naam aan de 2 halvemaanvormige gele,
witte of oranje vlekken achter de kop en
die in de nek aansluiten. De vrouwtjes
van de ringslang bereiken doorgaans een
lengte van 120 cm, de mannetjes blijver
iets kleiner, zo een 90 cm |
Adder De kleur verschilt voor
beide geslachten. De mannetjes zijn
levendiger getekend met een gitzwarte
zigzagstreep op een ondergrond van
vuilgeelkleurig, terwijl de vrouwtjes
meer bruinachtig van kleur zijn met een
bruine en vaak minder duidelijke
zigzagstreep. Vrouwtjes worden ongeveer
70 cm lang, mannetjes 65 cm.
|
|
| |
|
Voor gevleugelde rustzoekers
De westkant van het
Mantingerveld zal in de toekomst het rustige deel van het
gebied zijn. Het beheer is er op gericht grazige
heidevegetaties te ontwikkelen, afgewisseld met natte
laagtes, vennen, stuifzand en bosjes.Een prima leefgebied
voor reeën en andere dieren als adder, vos en das. De natte
delen zijn vooral voor eenden (wintertaling en slobeend) en
steltlopers (wulp, grutto, groenpootruiter en goudplevier)
van belang. Zangvogels als roodborsttapuit, blauwborst en
boom-leeuwerik zijn nu al vaste broedvogels. Deze
vogelsoorten hebben behoefte aan rust, daarom is dit deel
van het gebied minder goed ontsloten voor wandelaars. |
|
 |
|
blauwborst |
tapuit-man |
paapje |
wulp |
kokmeeuw |
grutto |
torenvalk |
|
|